Wie staat daar ook alweer op? Foto's waar je later nog iets aan hebt
Open het fotoalbum van je ouders en er gebeurt iets vervelends: "wie staat daar links?" Niemand die het nog weet. Op de achterkant van papieren foto's schreven mensen vroeger namen. Digitaal doet bijna niemand dat meer — en dat wreekt zich pas over twintig jaar.
Het probleem van tienduizend foto's
Een gemiddeld gezin schiet er zo duizenden per jaar. Zoeken doe je op datum, en dat werkt zolang je het jaartal nog weet. Maar "die zomer met opa in de tuin" zit niet in een datumfilter. Zonder namen en plekken is een fotoberg een berg, geen archief.
Namen erbij, in dertig seconden
In Hejma tik je na het plaatsen van een bericht meteen aan wie er op elke foto staat — één tik per naam, klaar. Daarna is elke foto terug te vinden per persoon: alle foto's waarop Lux getagd is, netjes in een raster. En op de verjaardagspagina rollen dezelfde foto's vanzelf per levensjaar uit elkaar: hoe zag hij eruit toen hij drie was?
De plek weet de foto zelf al
De locatie hoef je meestal niet te typen: die zit al in de foto en wordt vertaald naar een plaatsnaam ("Winterberg", "Zandvoort"). In de fotoweergave staat hij onder de foto, en op de kaart zie je alle plekken waar jullie geweest zijn als kleine fototegeltjes. Het bestand zelf blijft gestript, dus de coördinaten gaan nooit mee als je een foto deelt.
Waarom niet gewoon gezichtsherkenning?
Omdat gezichtsherkenning betekent dat een computer de gezichten van je kinderen analyseert en opslaat. Grote foto-diensten doen dat standaard; wij bewust niet. Zelf tikken kost een paar seconden per bericht en levert precies hetzelfde op — zonder dat er ooit een gezichtsprofiel van je kind bestaat.
Wat het later oplevert
Over tien jaar zoek je "alle foto's van Senna", zie je haar van baby tot brugklas, en klopt bij elke foto de naam en de plek. In het jaarboek komen dezelfde gegevens terug. Dat is het verschil tussen foto's bewaren en een verhaal bewaren.